Steunmaatregelen voor pgb-wooninitiatieven

Geplaatst op: 20 mei 2020

BVKZ is de afgelopen weken zeer intensief in gesprek geweest met VWS, ZN en andere stakeholders om de problematiek rondom de continuïteit van de zorg en omzetderving bij de pgb-wooninitiatieven n.a.v. de coronacrisis onder de aandacht te brengen en specifiek voor deze groep tot oplossingen te komen.

Anders dan in de zorg in natura hebben deze aanbieders een rechtstreeks contract met de PGB houders en is het bestaansrecht van deze zorgaanbieders zeer afhankelijk van een normale (continue) bezettingsgraad. Daar waar de ondersteuningsmaatregelen veelal vanuit zorg in natura zijn beredeneerd, komen nu juist de PGB wooninitiatieven in de knel. Zij krijgen namelijk geen enkele omzetgarantie en hebben ook nog te maken met oplopende kosten. Op dit moment zijn ouderen aarzelend om te verhuizen naar een kleinschalige opvang ondanks dat de thuissituatie niet meer houdbaar is. Ook in kleinschalige woonvoorzieningen wonen cliënten met het corona virus waardoor beschikbare plaatsen niet meer opgevuld kunnen worden. Dit maakt dus dat deze grote groep kleinschalige woonvoorzieningen in hun bestaansrecht worden aangetast.

De gesprekken hebben geleid tot een door VWS en ZN opgestelde oplossingsrichting, die in de brief van de Minister naar de Tweede Kamer van 20 mei 2020 is opgenomen.

6.8 PGB-wooninitiatieven

Onlangs zijn in verband met de coronacrisis in overleg met ZN en de NZa enkele maatregelen genomen om de continuïteit van zorg aan pgb-houders te waarborgen. Deze maatregelen maken het mogelijk dat niet geleverde zorg en extra en/of duurdere zorg vanuit het pgb gedeclareerd kan worden. Door de Branchevereniging Kleinschalige zorg (BVKZ) is aangegeven dat deze maatregelen niet in alle gevallen toereikend zijn om de financiële problemen bij kleinschalige pgb Wlz-wooninitiatieven op te lossen. Het betreft hier met name financiële problemen die ontstaan als bewoners overlijden en er op korte termijn geen nieuwe bewoners gevonden kunnen worden. Het is in een dergelijke situatie niet mogelijk de kosten van zorgpersoneel uit een pgb te betalen. Onder normale omstandigheden is dit een regulier bedrijfsrisico. In de huidige situatie blijkt het echter lastig de lege plaatsen weer op te vullen. Het is daarom voorstelbaar dat het wooninitiatief dit financiële risico niet kan dragen. In dit geval kan een wooninitiatief zich melden bij het zorgkantoor. Het wooninitiatief en het zorgkantoor kijken vervolgens binnen de geldende regelgeving naar de voor dit initiatief best passende oplossing voor de financiële problemen om daarmee de zorgcontinuïteit voor de budgethouders te kunnen borgen. Dit kan bijvoorbeeld door de lege pgb-plaatsen en de budgethouders, die hier zelf voor kiezen, om te zetten naar een zorg in natura contract. De omzetting van de lege pgb-plaatsen naar zorg in natura-plaatsen zal zowel van het wooninitiatief als van het zorgkantoor de nodige inzet vereisen.

Zie voor meer informatie de kamerbrief.

Omdat de contouren en de inhoud van de oplossingsrichting nog niet bekend zijn, heeft BVKZ hierop een brief naar de Vaste Tweede Kamercommissie VWS en individuele fracties gestuurd waarin ze aangeeft een voorzichtig vertrouwen te hebben in de oplossingsrichting echter op voorwaarde dat BVKZ direct en nauw betrokken wordt bij de verdere uitwerking voor een goede aansluiting bij de praktijk. BVKZ doet een beroep op de Kamerleden om dit specifiek bij de minister onder de aandacht te brengen in het Kamerdebat van 20 mei 2020.